Zoeken

Willekeurige foto

Egypt Ring

Deze website maakt deel uit van Egypt Ring.
This website is part of Egypt Ring.
Egypt Ring
 
 
Egyptologisch Nieuws maart 2011 PDF Afdrukken E-mailadres
donderdag, 31 maart 2011 20:52

Het Egyptologisch Nieuws staat opnieuw in het teken van de voortdurende bedreiging van de Egyptische monumenten in de nasleep van de 25-januari revolutie.

Ontdekkingen

In deze moeilijke tijden voor de Egyptische archeologie in Egypte worden er niet veel opgravingen meer ondernomen en wordt er niet veel gepubliceerd. Nieuws over ontdekkingen in Egypte is er op dit moment dan ook vrijwel niet. Toch wist Zahi Hawass daags voor zijn hernieuwde aanstelling als minister te melden dat hij de site van Egyptische opgravingen in Dasjoer heeft bezocht. Hier wordt een tot dusver onbekende piramide opgegraven. In het Egyptologisch Nieuws van februari heeft u hier al heel kort over kunnen lezen. Afgezien van de piramide heeft het opgravingsteam een aantal graven uit de zesde dynastie gevonden en een 3 m hoge tichelstenen omheiningsmuur. Of deze muur verband houdt met de in september 2010 ontdekte processieweg en haven is onduidelijk. Bij die ontdekking ging het eveneens om 3 m hoge tichelstenen muren.
Hawass heeft ook opgravingssites in Saqqara bezocht. Een Egyptisch team heeft hier de noordelijke omheiningsmuur van het piramidecomplex van Chendjer gevonden. Deze tichelstenen muur was al eerder door Gustave Jéquier onderzocht, maar dit onderzoek werd nooit voltooid. Eveneens eerder door Jéquier onderzocht en nu opnieuw opgegraven is een piramide van een tot nog toe onbekende eigenaar. Al deze opgravingen liggen op dit moment nog stil, maar men hoopt deze binnenkort te hervatten.

In Saqqara heeft een Brits team een netwerk aan catacomben voor honden ontdekt. Het team, onder leiding van archeoloog Paul Nicholson van de Cardiff Universiteit, zou naar schatting maar liefst 8 miljoen hondenmummies gevonden hebben. Vele honden waren nog maar enkele dagen of zelfs enkele uren oud toen ze gemummificeerd werden. Waarschijnlijk werden de honden bij duizenden gefokt in de nabijgelegen hoofdstad Memphis. De catacomben werden in 1897 al beschreven door de Franse Egyptoloog Jacques de Morgan, maar nooit grondig onderzocht. Volgens Nicholson duidt de vondst er op dat in de achtste eeuw v.Chr. de relatie tot deze dieren anders was dan wij tot dusver vermoedden. De catacomben bevinden zich 10 tot 12 meter onder de grond en bestaan uit een lange centrale gang met vele zijgangen. Behalve honden zijn er ook restanten van jakhalzen en katten aangetroffen.

Gevolgen van de Egyptische revolutie

Ongeveer 60 plunderaars hebben maandag 28 februari ingebroken in de antiquiteitenopslag 'Selim Hassan' in Gizeh. De dieven maakten misbruik van het beveiligingsvacuüm dat ontstond toen het leger zich terugtrok van de site en de beveiliging overdroeg aan de politie, die vervolgens niet op kwam dagen. Het magazijn is gevestigd in een ongedecoreerd rotsgraf en is genoemd naar een van de beroemdste Egyptologen van Egypte. Veel van Selim Hassans opgravingsverslagen, die tussen 1929 en 1968 geschreven zijn, zijn opgeslagen in dit magazijn. Het voormalige graf is al sinds 1960 permanent afgesloten met stalen en houten deuren, en een stenen muur. De bewakers die nog wel ter plaatse waren, werden door de inbrekers ontwapend (hoewel ze volgens Hawass ongewapend waren) en gekneveld. Vervolgens groeven zij een smalle tunnel naar de opslag. Volgens Hawass zijn er daarom waarschijnlijk geen grote voorwerpen gestolen. Aan een inventarisatie van de diefstal wordt gewerkt. Plannen worden voorbereid om de oudheden in de opslag te verplaatsen naar het grote depot van Saqqara.

Donderdag 3 maart kwam Minister van Antiquiteiten Zahi Hawass met een artikel op zijn blog over de status van de monumenten in Egypte. Veel was al bekend, maar veel ook niet.
Hieronder een overzicht van alle zaken die tot dusver onbekend waren.

  • In Aboesir is ingebroken in een magazijn van een Tsjechische expeditie. Geruchten over deze inbraak waren er al geruime tijd.
  • Magazijnen in Tell el-Basta (Boebastis) en Wadi el-Feiran (vlakbij Sjarm el-Sjeich) zijn ook geplunderd.
  • Het vorig jaar ontdekte graf van Ken-Amon in Tell el-Maschuta (vlakbij Isma'ilia in de Nijldelta) is compleet vernield. Dit was het enige bekende graf uit de 19e dynastie in de delta en was prachtig gedecoreerd. De vernieling van dit graf is dan ook een groot verlies voor de Egyptologie.
  • In Gizeh zijn plunderaars het graf van Impy binnengedrongen. Onbekend is of hierbij beschadigingen of diefstal hebben plaatsgevonden.
  • Een aantal reliëfblokken in het graf van Ptahsjepses in Aboesir zijn gestolen.
  • In Nekhen (tussen Luxor en Edfoe) zijn verschillende dieven aangehouden.
  • Een niet nader gespecificeerde archeologische site in het noorden van Sinai is vernield door plunderaars.
  • Plunderaars hebben volgens Hawass bijna iedere nacht hun slag geslagen op de archeologische sites in Abydos. Er zijn vele illegale opgravingen geconstateerd waarbij gaten van soms 5 meter diepte zijn gegraven.
  • Nabij de piramide van Merenre en de Mastaba Faraoen in Zuid Saqqara zijn illegale bouwwerkzaamheden geconstateerd.
  • Ook in Alexandrië, Isma'ilia, El-Beheira en Dasjoer hebben illegale opgravingen plaatsgevonden, maar details zijn niet bekend.
  • Er zijn ook verschillende Islamitische bouwwerken beschadigd of geplunderd.
  • Opmerkelijk is dat Hawass in zijn blog beweert dat de Koptische kloosters tot dusver volledig onbeschadigd en veilig zijn geweest, terwijl er verschillende rapporten zijn van fysiek geweld door het Egyptische leger tegen enkele kloosters.

Enkele dagen na het bekendmaken van dit overzicht kondigde Zahi Hawass zijn vertrek aan. De geruchten gingen al enkele dagen dat hij op zou stappen als Minister van Antiquiteiten. Dit werd op zaterdag 5 maart bevestigd door Hawass zelf. Hawass vindt dat hij de veiligheid van de antiquiteiten in het land niet meer kan garanderen nadat het leger zich teruggetrokken heeft van de archeologische sites en magazijnen. De politie, die normaal gesproken verantwoordelijk is voor de bewaking, laat zich echter ook nauwelijks meer zien, omdat ze bang is voor represailles van boze burgers over hun optreden tijdens de eerste dagen van de Egyptische revolutie. Dit zorgt voor een beveiligingsvacuüm waar dieven gretig misbruik van maken. Daarnaast stapt Hawass op omdat hij zwicht voor druk van protesterende Egyptische archeologen die banen eisen. Over het feit dat tegelijkertijd de hele regering naar huis is gestuurd door het machthebbende Supreme Council of Armed Forces, rept Hawass met geen woord.
Het Egyptische Ministerie van Antiquiteiten, dat op 31 januari jl. in het leven geroepen werd, is op 10 maart alweer ontbonden en de SCA (Supreme Council of Antiquities) is terug van nauwelijks weggeweest. Eigenlijk wilde het zittende interim-kabinet de SCA weer terugbrengen onder het Ministerie van Cultuur, maar protesterende Egyptische archeologen wisten te bewerkstelligen dat de SCA direct door het nieuwe kabinet aangestuurd zal worden, dus naast het Ministerie van Cultuur. In een interview met Nature liet Zahi Hawass ontvallen dat hij desgevraagd geen secretaris-generaal van de SCA wilde worden, een rol die hij tot 31 januari bekleedde. Volgens Hawass is dat 'een stap terug' en dat wil hij niet.
Intussen werkt de eerste minister aan een nieuw kabinet, met tot voor kort weinig succes waar het gaat om de verantwoordelijkheid voor de monumenten. Na Hawass’ vertrek volgden vele Egyptische en internationale petities en oproepen tot actie om de monumenten te beschermen tegen plunderingen en beschadigingen. Pas op 30 maart werd hier gehoor aan gegeven… door Zahi Hawass opnieuw aan te stellen als Minister van Antiquiteiten! Eerder had Hawass aangegeven alleen terug te keren als de politiebewaking bij de monumenten weer terug zou komen. Onder welke voorwaarden en omstandigheden Hawass deze functie accepteerde, is op moment van schrijven nog niet bekend. Deze aanstelling betekent ook dat de SCA opnieuw zal worden omgedoopt tot Ministerie van Antiquiteiten, zoals ook al gebeurde in de begindagen van de Egyptische revolutie.

Het antiquiteitenmagazijn in Tell el-Fara'in (Buto) in de Nijldelta is op vrijdagnacht 4 maart geplunderd door 35 of 40 gewapende mannen. De nauwelijks bewapende bewakers zijn daarbij beschoten en enkelen zijn zwaar gewond geraakt. Het is de tweede keer dat dit magazijn is aangevallen sinds de revolutie op 25 januari uitbrak. Het is nog onduidelijk wat er precies gestolen is uit het magazijn, maar er zijn een vijftal kratten kapotgeslagen. De plunderaars vernielden 3 deuren in het magazijn en pakten de handwapens van de bewakers af. In het magazijn worden vondsten uit Tell el-Fara'in en de nabijgelegen plaatsen el-Monufia, el-Gharbia, Kafr el-Sjeich en El-Beheira opgeslagen. Vier plunderaars zijn aangehouden door bewakers en buurtbewoners.

Rond 15 maart verscheen op internet het onbevestigde bericht dat een antiquiteitendepot in Mendes (vlak bij Mansoura, in de Nijldelta) tot twee keer toe is aangevallen door plunderaars. De eerste keer zou al eind vorig jaar zijn geweest, dus voor de revolutie. De tweede keer was een week geleden. Gelukkig konden de bewakers de beide aanvallen afslaan. Desondanks zijn enkele kostbare bronzen voorwerpen uit voorzorg verhuisd naar een depot van het Grand Egyptian Museum te Gizeh.

In de begindagen van de Egyptische revolutie werd al snel duidelijk dat het antiquiteitendepot in Qantara Oost geplunderd was door gewapende mannen. Enkele dagen later werden 293 voorwerpen teruggevonden. Het depot bevat voornamelijk oudheden die bestemd zijn voor het Port Said Museum en de in aanbouw zijnde museums in Sjarm el-Sjeich en Taba. De zeer afgelegen ligging van dit depot maakt het tot een makkelijk doelwit voor nieuwe plunderingen. Daarom heeft Hawass de opdracht gegeven de complete inhoud van het depot te verplaatsen naar de kelders van het Egyptisch Museum in Cairo. Mohamed Abdel Maqsoud, binnen het Ministerie van Antiquiteiten verantwoordelijk voor Alexandrië en Neder-Egypte, stond aan het hoofd van deze grote operatie. Maar liefst 30 vrachtwagens met oudheden onder militaire begeleiding waren nodig voor de operatie. Zij arriveerden allemaal veilig in Cairo.
Eind maart was het inventarisatierapport klaar en konden er conclusies getrokken worden. Gelukkig blijken de zalen met oudheden uit het Port Said Museum, Taba Museum en Sjarm el-Sjeich Museum niet geplunderd te zijn. Vermist worden alleen nog het nodige vaatwerk, munten en een onvoltooid kalkstenen beeld.

In navolging van het definitieve SCA-rapport over de gestolen oudheden uit het Egyptisch Museum in Cairo (zie verderop), druppelden langzaam rapporten binnen van gestolen oudheden uit depots elders in Egypte. Uit het depot in Tel el-Fara'in in de Nijldelta zijn 27 antiquiteiten gestolen, waaronder 20 Romeinse en Islamitische munten, een kalkstenen reliëf uit de Griekse periode, een faraonisch beeldje en vier potten.

In Mit Rahina (het oude Memphis) worden naar verluidt nog steeds illegale opgravingen verricht en worden er huizen op archeologische sites gebouwd. Echter, dit was mogelijk ook al het geval voor de januari-revolutie.

UNESCO heeft Zahi Hawass gevraagd om naar het hoofdkwartier van UNESCO in Parijs te komen om opheldering te geven over de status van de Egyptische oudheden. Hawass kon echter niet aanwezig zijn en schreef UNESCO een open brief. Helaas bevatte deze brief geen nieuwe feiten. UNESCO stuurt volgende week een delegatie naar Egypte om polshoogte te nemen.

De SCA maakte 25 maart bij monde van Mohamed Abdel Maqsoud bekend dat in totaal zo'n 800 antiquiteiten gestolen zijn in heel Egypte, voor zover nu bekend. Vooral depots in Sinai hebben te lijden gehad van succesvolle plunderingen. Het gaat in de meeste gevallen om kleine vondsten, zoals munten, amuletten, pijlpunten en messen. De 293 eerder genoemde en teruggevonden oudheden uit het antiquiteitendepot in Qantara Oost staan los van deze lijst van 800 vermiste oudheden.

De Supreme Council of Antiquities publiceert sinds 15 maart zonder enige aankondiging of toelichting lijsten van alle oudheden die tijdens de revolutie uit het Egyptisch Museum in Cairo gestolen zijn. De lijst telde aanvankelijk maar liefst 54 voorwerpen, waarvan enkele van onschatbare waarde, zoals vergulde beeldjes van Toetanchamon en zijn vergulde bronzen trompet. Naarmate er voorwerpen werden teruggevonden (zie verderop), werden nieuwe lijsten uitgebracht. U kunt de eerste lijst hier vinden. Op 21 maart verscheen er een nieuwe lijst met een betere lay-out, betere foto's en zonder reeds teruggevonden items. Deze lijst kunt u hier vinden. De meest recente lijst, met nog 37 vermiste voorwerpen, vindt u hier.

Afgezien van een lijst met gestolen oudheden uit het Cairo Museum, publiceert de SCA ook lijsten met teruggevonden oudheden. De eerste kunt u hier downloaden.

Daags na de bekendmaking van de lijst van 54 gestolen oudheden uit het Egyptisch werden 12 ervan onderschept. Er waren aanwijzingen dat 3 mannen betrokken waren bij de inbraak in het museum op 28 januari jl. De 3 dieven probeerden aanvankelijk hun waren te laten authentiseren door een jonge archeoloog. Die herkende de gestolen oudheden en nam foto's van de oudheden met zijn mobiele telefoon. Nadat hij de foto's aan de directeur van het Egyptisch Museum had overgedragen, schakelden de politie en het leger een medewerker van de Amerikaanse ambassade in om de 3 dieven in de val te lokken door zich voor te doen als potentiële koper voor de gestolen oudheden. Hij zou 35,5 miljoen euro voor de oudheden willen betalen, maar op het moment van de verkoop op het Simon Bolivar plein in Cairo, werden de 3 dieven gearresteerd door de politie. Er werden 7 beelden aangetroffen, waarvan 5 van koper of brons en 1 van kalksteen. Vijf halskettingen van faience, gekleurd glas en goud vormden de rest van de buit. Het Egyptisch museum heeft bevestigd dat dit inderdaad de gestolen antiquiteiten betreft. De oudheden worden op korte termijn gerestaureerd en terug in het museum geplaatst.

Zondag 17 maart zijn opnieuw 5 oudheden teruggevonden die tijdens de revolutie uit het Egyptisch Museum in Cairo zijn ontvreemd. Het betreft 4 godenbeeldjes (Osiris, Bastet, Apis en Neith) en een scepter. Onbekend is hoe de voorwerpen precies zijn teruggevonden, maar het zou gaan om een gezamenlijke actie van het leger en de politie. Op het beeldje van de Apisstier na zijn alle voorwerpen intact. De Apisstier is in een aantal stukken gebroken, maar kan gerestaureerd worden. Hier vindt u een lijst van de 5 teruggevonden oudheden.

Museumdirecteur Tarek el-Awadi sprak de verwachting uit dat alle resterende 37 antiquiteiten zich nog in Egypte bevinden en op korte termijn teruggevonden zullen worden. Hij gaf aan dat, zodra alle stukken terug zijn, het Egyptisch Museum een tentoonstelling zal organiseren over de gevolgen van de revolutie voor het museum. Alle eerder gestolen voorwerpen zullen op de tentoonstelling te zien zijn.

Op 19 maart om 3:35 is het antiquiteitenmagazijn achter de Kolossen van Memnon te Kom el-Hettan (westoever Luxor) geplunderd door 15 gewapende dieven. De dieven bonden de vier bewakers vast om zich toegang tot het depot te verschaffen. Uit het magazijn zijn volgens voorlopige berichten 15 oudheden gestolen, waaronder het 25 bij 23 cm grote hoofd van een zwart granieten beeld van Amenhotep III en het hoofd van een beeld van Sechmet. Deze waren pas de maandag ervoor opgegraven nabij de Kolossen van Memnon. Drie bewakers zijn met verwondingen opgenomen in het ziekenhuis.
Volgens een andere nieuwsbron zouden slechts de 2 genoemde beeldfragmenten gestolen zijn. Het hoofd van Amenhotep III zou 38 cm hoog zijn.
Een dag later werd gemeld dat alle gestolen oudheden, inclusief de beeldfragmenten, teruggevonden zijn. De dieven zijn gearresteerd. Mansour Borak, hoofd van de SCA in Luxor, heeft aangegeven dat de beveiliging sterk opgevoerd zal worden.

UNESCO heeft halverwege maart een bezoek aan Egypte gebracht om polshoogte te nemen van de bestuurlijke stand van zaken binnen de SCA, om contacten te leggen of te herbevestigen en om steun te bieden bij het zoeken naar financiële middelen voor het behoud van de Egyptische monumenten, dus nadrukkelijk niet om de staat van de monumenten zelf te inspecteren. Toch blijken de vertegenwoordigers van UNESCO onder begeleiding van de SCA verschillende monumenten bezocht te hebben. Volgens verschillende berichten in de media schrokken de vertegenwoordigers van de schade en de plunderingen op een aantal locaties, en riepen ze op tot onmiddellijke actie.

Het hoofdkantoor van de tot voor kort regerende partij NDP (National Democratic Party) in Cairo werd tijdens de begindagen van de revolutie verwoest door een brand. Omdat het gebouw vlak naast het Egyptisch Museum staat, werd laatstgenoemde enige dagen bedreigd door de brand. Het gebouw staat precies tussen het Cairo Museum en de Nijl en werd vroeger door het museum gebruikt om transport van en naar het museum over de Nijl te faciliteren. Tijdens de revolutie van 1952 werd het land onteigend om gebruikt te worden voor het partijgebouw van de NDP. Onlangs werd een comité opgericht om over het lot van het vrijgekomen stuk land te beslissen, maar hierbij werden geen afgevaardigden van de oorspronkelijke eigenaar, het Cairo Museum, uitgenodigd. Tarek el-Awadi, de directeur van het museum, reageerde verbolgen en eist van de regerende Supreme Council of Armed Forces teruggave van het land. Hij wil het gebruiken om het openluchtmuseum uit te breiden of om wellicht een nieuw museumgebouw te vestigen om het overvolle museum te ontlasten.

Eind maart schreef Zahi Hawass in zijn blog opnieuw over de situatie in Egypte met betrekking tot plunderingen.
In Lisht, waar onder meer de piramide van Amenemhat I staat, zijn vele graven geplunderd. De illegale opgravingen vinden nog steeds bijna iedere dag plaats. Hierbij zouden een 1,5 m hoog beeld en enkele gedecoreerde steenblokken gevonden zijn.
In Dasjoer zijn twee kleurrijk gedecoreerde steenblokken teruggevonden die uit het grafcomplex van Amenemhat I zijn gestolen. Ook hier wordt nog vrijwel iedere nacht illegaal opgegraven en worden archeologische sites bebouwd door de lokale bevolking.
Ook in Zuid-Saqqara, bij de Mastabat Faraoen en de piramide van Merenre I, is 8 hectare land illegaal bebouwd en ontgonnen voor landbouw.
In Aboesir is 12 hectare land met graven uit de eerste en tweede dynastie in gebruik genomen als nieuwe begraafplaats.
In Gizeh zouden kamelen- en paardendrijvers zich voortdurend schuldig maken aan het plunderen van graven.

Ander nieuws

Hoewel Cleopatra en Nefertiti als eerste genoemd zullen worden wanneer gevraagd wordt naar Oudegyptische schoonheden, zou ook Tiye, de schoonmoeder van Nefertiti, een zeer aantrekkelijke vrouw geweest zijn. Toch had koningin Tiye mogelijk een grote, onaantrekkelijke wrat tussen haar ogen.
Toen begin 2010 de resultaten van het grootscheepse mummieonderzoek naar de familie van Toetanchamon bekend werden, leek ook de mummie van Tiye te zijn gevonden. Het zou gaan om KV35EL, oftewel de mummie van een oudere dame (Elder Lady) uit graf KV35 in het Dal der Koningen. Dit was voor Mercedes González, directeur van Instituto de Estudios Científicos en Momias in Madrid, de aanleiding om het gezicht van de koningin aan een nadere blik te onderwerpen. Ze vroeg het Egyptisch Museum om een gedetailleerde foto van het gezicht en ontdekte hierbij een uitstulping in het gezicht dat veel weg heeft van een wrat. Frank Rühli, directeur van het Swiss Mummy Project en het Center for Evolutionary Medicine aan de Universiteit van Zürich (Zwitserland), vindt de vondst 'intrigerend', maar oppert dat het wellicht ook kan gaan om een fibroma (tumor). Salima Ikram twijfelt in beginsel al aan de identificatie van de mummie als Tiya en noemt een sproet als alternatief voor de uitstulping. Voor zover bekend is er nooit eerder een wrat aangetroffen op een Egyptische mummie.
Op 2 maart ontdekte de beveiligingsdienst van het Egyptisch Museum dat veel bezoekers een vals toegangskaartje gebruikten. De fraude met toegangskaartjes blijkt echter al 4 jaar te gebeuren. Niet alleen het Egyptisch Museum, maar ook de Citadel van Cairo en de Horustempel van Edfoe zijn 'slachtoffer'. In totaal zou voor 600.000 Euro aan valse kaartjes verkocht zijn. Opmerkelijk is dat de kaartjes te koop waren in de bulkverkoop van de SCA zelf!

Voor de liefhebbers is hier een leuk filmpje te zien bij Egyptoloog Bob Brier thuis. Brier blijkt een fervent verzamelaar van alles met een faraonisch thema; kunst, maar ook kitsch zijn bij hem welkom. Een aardige blik in het huishouden van een van 's werelds bekendste Egyptologen.

Het Egyptologisch Nieuws staat opnieuw in het teken van de voortdurende bedreiging van de Egyptische monumenten in de nasleep van de 25-januari revolutie.
Behalve op www.ikziezegliefen.nl kunt u sinds kort ook op de website van Het Huis van Horus op regelmatige basis de laatste nieuwtjes op het Egyptologische vlak vinden.

Ontdekkingen

In deze moeilijke tijden voor de Egyptische archeologie in Egypte worden er niet veel opgravingen meer ondernomen en wordt er niet veel gepubliceerd. Nieuws over ontdekkingen in Egypte is er op dit moment dan ook vrijwel niet. Toch wist Zahi Hawass daags voor zijn hernieuwde aanstelling als minister te melden dat hij de site van Egyptische opgravingen in Dasjoer heeft bezocht. Hier wordt een tot dusver onbekende piramide opgegraven. In het Egyptologisch Nieuws van februari heeft u hier al heel kort over kunnen lezen. Afgezien van de piramide heeft het opgravingsteam een aantal graven uit de zesde dynastie gevonden en een 3 m hoge tichelstenen omheiningsmuur. Of deze muur verband houdt met de in september 2010 ontdekte processieweg en haven is onduidelijk. Bij die ontdekking ging het eveneens om 3 m hoge tichelstenen muren.
Hawass heeft ook opgravingssites in Saqqara bezocht. Een Egyptisch team heeft hier de noordelijke omheiningsmuur van het piramidecomplex van Chendjer gevonden. Deze tichelstenen muur was al eerder door Gustave Jéquier onderzocht, maar dit onderzoek werd nooit voltooid. Eveneens eerder door Jéquier onderzocht en nu opnieuw opgegraven is een piramide van een tot nog toe onbekende eigenaar. Al deze opgravingen liggen op dit moment nog stil, maar men hoopt deze binnenkort te hervatten.

In Saqqara heeft een Brits team een netwerk aan catacomben voor honden ontdekt. Het team, onder leiding van archeoloog Paul Nicholson van de Cardiff Universiteit, zou naar schatting maar liefst 8 miljoen hondenmummies gevonden hebben. Vele honden waren nog maar enkele dagen of zelfs enkele uren oud toen ze gemummificeerd werden. Waarschijnlijk werden de honden bij duizenden gefokt in de nabijgelegen hoofdstad Memphis. De catacomben werden in 1897 al beschreven door de Franse Egyptoloog Jacques de Morgan, maar nooit grondig onderzocht. Volgens Nicholson duidt de vondst er op dat in de achtste eeuw v.Chr. de relatie tot deze dieren anders was dan wij tot dusver vermoedden. De catacomben bevinden zich 10 tot 12 meter onder de grond en bestaan uit een lange centrale gang met vele zijgangen. Behalve honden zijn er ook restanten van jakhalzen en katten aangetroffen.

Gevolgen van de Egyptische revolutie

Ongeveer 60 plunderaars hebben maandag 28 februari ingebroken in de antiquiteitenopslag 'Selim Hassan' in Gizeh. De dieven maakten misbruik van het beveiligingsvacuüm dat ontstond toen het leger zich terugtrok van de site en de beveiliging overdroeg aan de politie, die vervolgens niet op kwam dagen. Het magazijn is gevestigd in een ongedecoreerd rotsgraf en is genoemd naar een van de beroemdste Egyptologen van Egypte. Veel van Selim Hassans opgravingsverslagen, die tussen 1929 en 1968 geschreven zijn, zijn opgeslagen in dit magazijn. Het voormalige graf is al sinds 1960 permanent afgesloten met stalen en houten deuren, en een stenen muur. De bewakers die nog wel ter plaatse waren, werden door de inbrekers ontwapend (hoewel ze volgens Hawass ongewapend waren) en gekneveld. Vervolgens groeven zij een smalle tunnel naar de opslag. Volgens Hawass zijn er daarom waarschijnlijk geen grote voorwerpen gestolen. Aan een inventarisatie van de diefstal wordt gewerkt. Plannen worden voorbereid om de oudheden in de opslag te verplaatsen naar het grote depot van Saqqara.

Donderdag 3 maart kwam Minister van Antiquiteiten Zahi Hawass met een artikel op zijn blog over de status van de monumenten in Egypte. Veel was al bekend, maar veel ook niet.
Hieronder een overzicht van alle zaken die tot dusver onbekend waren.
In Aboesir is ingebroken in een magazijn van een Tsjechische expeditie. Geruchten over deze inbraak waren er al geruime tijd.
Magazijnen in Tell el-Basta (Boebastis) en Wadi el-Feiran (vlakbij Sjarm el-Sjeich) zijn ook geplunderd.
Het vorig jaar ontdekte graf van Ken-Amon in Tell el-Maschuta (vlakbij Isma'ilia in de Nijldelta) is compleet vernield. Dit was het enige bekende graf uit de 19e dynastie in de delta en was prachtig gedecoreerd. De vernieling van dit graf is dan ook een groot verlies voor de Egyptologie.
In Gizeh zijn plunderaars het graf van Impy binnengedrongen. Onbekend is of hierbij beschadigingen of diefstal hebben plaatsgevonden.
Een aantal reliëfblokken in het graf van Ptahsjepses in Aboesir zijn gestolen.
In Nekhen (tussen Luxor en Edfoe) zijn verschillende dieven aangehouden.
Een niet nader gespecificeerde archeologische site in het noorden van Sinai is vernield door plunderaars.
Plunderaars hebben volgens Hawass bijna iedere nacht hun slag geslagen op de archeologische sites in Abydos. Er zijn vele illegale opgravingen geconstateerd waarbij gaten van soms 5 meter diepte zijn gegraven.
Nabij de piramide van Merenre en de Mastaba Faraoen in Zuid Saqqara zijn illegale bouwwerkzaamheden geconstateerd.
Ook in Alexandrië, Isma'ilia, El-Beheira en Dasjoer hebben illegale opgravingen plaatsgevonden, maar details zijn niet bekend.
Er zijn ook verschillende Islamitische bouwwerken beschadigd of geplunderd.
Opmerkelijk is dat Hawass in zijn blog beweert dat de Koptische kloosters tot dusver volledig onbeschadigd en veilig zijn geweest, terwijl er verschillende rapporten zijn van fysiek geweld door het Egyptische leger tegen enkele kloosters.

Enkele dagen na het bekendmaken van dit overzicht kondigde Zahi Hawass zijn vertrek aan. De geruchten gingen al enkele dagen dat hij op zou stappen als Minister van Antiquiteiten. Dit werd op zaterdag 5 maart bevestigd door Hawass zelf. Hawass vindt dat hij de veiligheid van de antiquiteiten in het land niet meer kan garanderen nadat het leger zich teruggetrokken heeft van de archeologische sites en magazijnen. De politie, die normaal gesproken verantwoordelijk is voor de bewaking, laat zich echter ook nauwelijks meer zien, omdat ze bang is voor represailles van boze burgers over hun optreden tijdens de eerste dagen van de Egyptische revolutie. Dit zorgt voor een beveiligingsvacuüm waar dieven gretig misbruik van maken. Daarnaast stapt Hawass op omdat hij zwicht voor druk van protesterende Egyptische archeologen die banen eisen. Over het feit dat tegelijkertijd de hele regering naar huis is gestuurd door het machthebbende Supreme Council of Armed Forces, rept Hawass met geen woord.
Het Egyptische Ministerie van Antiquiteiten, dat op 31 januari jl. in het leven geroepen werd, is op 10 maart alweer ontbonden en de SCA (Supreme Council of Antiquities) is terug van nauwelijks weggeweest. Eigenlijk wilde het zittende interim-kabinet de SCA weer terugbrengen onder het Ministerie van Cultuur, maar protesterende Egyptische archeologen wisten te bewerkstelligen dat de SCA direct door het nieuwe kabinet aangestuurd zal worden, dus naast het Ministerie van Cultuur. In een interview met Nature liet Zahi Hawass ontvallen dat hij desgevraagd geen secretaris-generaal van de SCA wilde worden, een rol die hij tot 31 januari bekleedde. Volgens Hawass is dat 'een stap terug' en dat wil hij niet.
Intussen werkt de eerste minister aan een nieuw kabinet, met tot voor kort weinig succes waar het gaat om de verantwoordelijkheid voor de monumenten. Na Hawass’ vertrek volgden vele Egyptische en internationale petities en oproepen tot actie om de monumenten te beschermen tegen plunderingen en beschadigingen. Pas op 30 maart werd hier gehoor aan gegeven… door Zahi Hawass opnieuw aan te stellen als Minister van Antiquiteiten! Eerder had Hawass aangegeven alleen terug te keren als de politiebewaking bij de monumenten weer terug zou komen. Onder welke voorwaarden en omstandigheden Hawass deze functie accepteerde, is op moment van schrijven nog niet bekend. Deze aanstelling betekent ook dat de SCA opnieuw zal worden omgedoopt tot Ministerie van Antiquiteiten, zoals ook al gebeurde in de begindagen van de Egyptische revolutie.

Het antiquiteitenmagazijn in Tell el-Fara'in (Buto) in de Nijldelta is op vrijdagnacht 4 maart geplunderd door 35 of 40 gewapende mannen. De nauwelijks bewapende bewakers zijn daarbij beschoten en enkelen zijn zwaar gewond geraakt. Het is de tweede keer dat dit magazijn is aangevallen sinds de revolutie op 25 januari uitbrak. Het is nog onduidelijk wat er precies gestolen is uit het magazijn, maar er zijn een vijftal kratten kapotgeslagen. De plunderaars vernielden 3 deuren in het magazijn en pakten de handwapens van de bewakers af. In het magazijn worden vondsten uit Tell el-Fara'in en de nabijgelegen plaatsen el-Monufia, el-Gharbia, Kafr el-Sjeich en El-Beheira opgeslagen. Vier plunderaars zijn aangehouden door bewakers en buurtbewoners.

Rond 15 maart verscheen op internet het onbevestigde bericht dat een antiquiteitendepot in Mendes (vlak bij Mansoura, in de Nijldelta) tot twee keer toe is aangevallen door plunderaars. De eerste keer zou al eind vorig jaar zijn geweest, dus voor de revolutie. De tweede keer was een week geleden. Gelukkig konden de bewakers de beide aanvallen afslaan. Desondanks zijn enkele kostbare bronzen voorwerpen uit voorzorg verhuisd naar een depot van het Grand Egyptian Museum te Gizeh.

In de begindagen van de Egyptische revolutie werd al snel duidelijk dat het antiquiteitendepot in Qantara Oost geplunderd was door gewapende mannen. Enkele dagen later werden 293 voorwerpen teruggevonden. Het depot bevat voornamelijk oudheden die bestemd zijn voor het Port Said Museum en de in aanbouw zijnde museums in Sjarm el-Sjeich en Taba. De zeer afgelegen ligging van dit depot maakt het tot een makkelijk doelwit voor nieuwe plunderingen. Daarom heeft Hawass de opdracht gegeven de complete inhoud van het depot te verplaatsen naar de kelders van het Egyptisch Museum in Cairo. Mohamed Abdel Maqsoud, binnen het Ministerie van Antiquiteiten verantwoordelijk voor Alexandrië en Neder-Egypte, stond aan het hoofd van deze grote operatie. Maar liefst 30 vrachtwagens met oudheden onder militaire begeleiding waren nodig voor de operatie. Zij arriveerden allemaal veilig in Cairo.
Eind maart was het inventarisatierapport klaar en konden er conclusies getrokken worden. Gelukkig blijken de zalen met oudheden uit het Port Said Museum, Taba Museum en Sjarm el-Sjeich Museum niet geplunderd te zijn. Vermist worden alleen nog het nodige vaatwerk, munten en een onvoltooid kalkstenen beeld.

In navolging van het definitieve SCA-rapport over de gestolen oudheden uit het Egyptisch Museum in Cairo (zie verderop), druppelden langzaam rapporten binnen van gestolen oudheden uit depots elders in Egypte. Uit het depot in Tel el-Fara'in in de Nijldelta zijn 27 antiquiteiten gestolen, waaronder 20 Romeinse en Islamitische munten, een kalkstenen reliëf uit de Griekse periode, een faraonisch beeldje en vier potten.
 
In Mit Rahina (het oude Memphis) worden naar verluidt nog steeds illegale opgravingen verricht en worden er huizen op archeologische sites gebouwd. Echter, dit was mogelijk ook al het geval voor de januari-revolutie.
 
UNESCO heeft Zahi Hawass gevraagd om naar het hoofdkwartier van UNESCO in Parijs te komen om opheldering te geven over de status van de Egyptische oudheden. Hawass kon echter niet aanwezig zijn en schreef UNESCO een open brief. Helaas bevatte deze brief geen nieuwe feiten. UNESCO stuurt volgende week een delegatie naar Egypte om polshoogte te nemen.

De SCA maakte 25 maart bij monde van Mohamed Abdel Maqsoud bekend dat in totaal zo'n 800 antiquiteiten gestolen zijn in heel Egypte, voor zover nu bekend. Vooral depots in Sinai hebben te lijden gehad van succesvolle plunderingen. Het gaat in de meeste gevallen om kleine vondsten, zoals munten, amuletten, pijlpunten en messen. De 293 eerder genoemde en teruggevonden oudheden uit het antiquiteitendepot in Qantara Oost staan los van deze lijst van 800 vermiste oudheden.

De Supreme Council of Antiquities publiceert sinds 15 maart zonder enige aankondiging of toelichting lijsten van alle oudheden die tijdens de revolutie uit het Egyptisch Museum in Cairo gestolen zijn. De lijst telde aanvankelijk maar liefst 54 voorwerpen, waarvan enkele van onschatbare waarde, zoals vergulde beeldjes van Toetanchamon en zijn vergulde bronzen trompet. Naarmate er voorwerpen werden teruggevonden (zie verderop), werden nieuwe lijsten uitgebracht. U kunt de eerste lijst hier vinden. Op 21 maart verscheen er een nieuwe lijst met een betere lay-out, betere foto's en zonder reeds teruggevonden items. Deze lijst kunt u hier vinden. De meest recente lijst, met nog 37 vermiste voorwerpen, vind u hier.

Afgezien van een lijst met gestolen oudheden uit het Cairo Museum, publiceert de SCA ook lijsten met teruggevonden oudheden. De eerste kunt u hier downloaden.

Daags na de bekendmaking van de lijst van 54 gestolen oudheden uit het Egyptisch werden 12 ervan onderschept. Er waren aanwijzingen dat 3 mannen betrokken waren bij de inbraak in het museum op 28 januari jl. De 3 dieven probeerden aanvankelijk hun waren te laten authentiseren door een jonge archeoloog. Die herkende de gestolen oudheden en nam foto's van de oudheden met zijn mobiele telefoon. Nadat hij de foto's aan de directeur van het Egyptisch Museum had overgedragen, schakelden de politie en het leger een medewerker van de Amerikaanse ambassade in om de 3 dieven in de val te lokken door zich voor te doen als potentiële koper voor de gestolen oudheden. Hij zou 35,5 miljoen euro voor de oudheden willen betalen, maar op het moment van de verkoop op het Simon Bolivar plein in Cairo, werden de 3 dieven gearresteerd door de politie. Er werden 7 beelden aangetroffen, waarvan 5 van koper of brons en 1 van kalksteen. Vijf halskettingen van faience, gekleurd glas en goud vormden de rest van de buit. Het Egyptisch museum heeft bevestigd dat dit inderdaad de gestolen antiquiteiten betreft. De oudheden worden op korte termijn gerestaureerd en terug in het museum geplaatst.

Zondag 17 maart zijn opnieuw 5 oudheden teruggevonden die tijdens de revolutie uit het Egyptisch Museum in Cairo zijn ontvreemd. Het betreft 4 godenbeeldjes (Osiris, Bastet, Apis en Neith) en een scepter. Onbekend is hoe de voorwerpen precies zijn teruggevonden, maar het zou gaan om een gezamenlijke actie van het leger en de politie. Op het beeldje van de Apisstier na zijn alle voorwerpen intact. De Apisstier is in een aantal stukken gebroken, maar kan gerestaureerd worden. Hier vindt u een lijst van de 5 teruggevonden oudheden.
 
Museumdirecteur Tarek el-Awadi sprak de verwachting uit dat alle resterende 37 antiquiteiten zich nog in Egypte bevinden en op korte termijn teruggevonden zullen worden. Hij gaf aan dat, zodra alle stukken terug zijn, het Egyptisch Museum een tentoonstelling zal organiseren over de gevolgen van de revolutie voor het museum. Alle eerder gestolen voorwerpen zullen op de tentoonstelling te zien zijn.
 
Op 19 maart om 3:35 is het antiquiteitenmagazijn achter de Kolossen van Memnon te Kom el-Hettan (westoever Luxor) geplunderd door 15 gewapende dieven. De dieven bonden de vier bewakers vast om zich toegang tot het depot te verschaffen. Uit het magazijn zijn volgens voorlopige berichten 15 oudheden gestolen, waaronder het 25 bij 23 cm grote hoofd van een zwart granieten beeld van Amenhotep III en het hoofd van een beeld van Sechmet. Deze waren pas de maandag ervoor opgegraven nabij de Kolossen van Memnon. Drie bewakers zijn met verwondingen opgenomen in het ziekenhuis.
Volgens een andere nieuwsbron zouden slechts de 2 genoemde beeldfragmenten gestolen zijn. Het hoofd van Amenhotep III zou 38 cm hoog zijn. In het artikel zijn foto's van de gestolen beeldfragmenten te zien.
Een dag later werd gemeld dat alle gestolen oudheden, inclusief de beeldfragmenten, teruggevonden zijn. De dieven zijn gearresteerd. Mansour Borak, hoofd van de SCA in Luxor, heeft aangegeven dat de beveiliging sterk opgevoerd zal worden.

UNESCO heeft halverwege maart een bezoek aan Egypte gebracht om polshoogte te nemen van de bestuurlijke stand van zaken binnen de SCA, om contacten te leggen of te herbevestigen en om steun te bieden bij het zoeken naar financiële middelen voor het behoud van de Egyptische monumenten, dus nadrukkelijk niet om de staat van de monumenten zelf te inspecteren. Toch blijken de vertegenwoordigers van UNESCO onder begeleiding van de SCA verschillende monumenten bezocht te hebben. Volgens verschillende berichten in de media schrokken de vertegenwoordigers van de schade en de plunderingen op een aantal locaties, en riepen ze op tot onmiddellijke actie.

Het hoofdkantoor van de tot voor kort regerende partij NDP (National Democratic Party) in Cairo werd tijdens de begindagen van de revolutie verwoest door een brand. Omdat het gebouw vlak naast het Egyptisch Museum staat, werd laatstgenoemde enige dagen bedreigd door de brand. Het gebouw staat precies tussen het Cairo Museum en de Nijl en werd vroeger door het museum gebruikt om transport van en naar het museum over de Nijl te faciliteren. Tijdens de revolutie van 1952 werd het land onteigend om gebruikt te worden voor het partijgebouw van de NDP. Onlangs werd een comité opgericht om over het lot van het vrijgekomen stuk land te beslissen, maar hierbij werden geen afgevaardigden van de oorspronkelijke eigenaar, het Cairo Museum, uitgenodigd. Tarek el-Awadi, de directeur van het museum, reageerde verbolgen en eist van de regerende Supreme Council of Armed Forces teruggave van het land. Hij wil het gebruiken om het openluchtmuseum uit te breiden of om wellicht een nieuw museumgebouw te vestigen om het overvolle museum te ontlasten.

Eind maart schreef Zahi Hawass in zijn blog opnieuw over de situatie in Egypte met betrekking tot plunderingen.
In Lisht, waar onder meer de piramide van Amenemhat I staat, zijn vele graven geplunderd. De illegale opgravingen vinden nog steeds bijna iedere dag plaats. Hierbij zouden een 1,5 m hoog beeld en enkele gedecoreerde steenblokken gevonden zijn.
In Dasjoer zijn twee kleurrijk gedecoreerde steenblokken teruggevonden die uit het grafcomplex van Amenemhat I zijn gestolen. Ook hier wordt nog vrijwel iedere nacht illegaal opgegraven en worden archeologische sites bebouwd door de lokale bevolking.
Ook in Zuid-Saqqara, bij de Mastabat Faraoen en de piramide van Merenre I, is 8 hectare land illegaal bebouwd en ontgonnen voor landbouw.
In Aboesir is 12 hectare land met graven uit de eerste en tweede dynastie in gebruik genomen als nieuwe begraafplaats.
In Gizeh zouden kamelen- en paardendrijvers zich voortdurend schuldig maken aan het plunderen van graven.

Ander nieuws

Hoewel Cleopatra en Nefertiti als eerste genoemd zullen worden wanneer gevraagd wordt naar Oudegyptische schoonheden, zou ook Tiye, de schoonmoeder van Nefertiti, een zeer aantrekkelijke vrouw geweest zijn. Toch had koningin Tiye mogelijk een grote, onaantrekkelijke wrat tussen haar ogen.
Toen begin 2010 de resultaten van het grootscheepse mummieonderzoek naar de familie van Toetanchamon bekend werden, leek ook de mummie van Tiye te zijn gevonden. Het zou gaan om KV35EL, oftewel de mummie van een oudere dame (Elder Lady) uit graf KV35 in het Dal der Koningen. Dit was voor Mercedes González, directeur van Instituto de Estudios Científicos en Momias in Madrid, de aanleiding om het gezicht van de koningin aan een nadere blik te onderwerpen. Ze vroeg het Egyptisch Museum om een gedetailleerde foto van het gezicht en ontdekte hierbij een uitstulping in het gezicht dat veel weg heeft van een wrat. Frank Rühli, directeur van het Swiss Mummy Project en het Center for Evolutionary Medicine aan de Universiteit van Zürich (Zwitserland), vindt de vondst 'intrigerend', maar oppert dat het wellicht ook kan gaan om een fibroma (tumor). Salima Ikram twijfelt in beginsel al aan de identificatie van de mummie als Tiya en noemt een sproet als alternatief voor de uitstulping. Voor zover bekend is er nooit eerder een wrat aangetroffen op een Egyptische mummie.
Op 2 maart ontdekte de beveiligingsdienst van het Egyptisch Museum dat veel bezoekers een vals toegangskaartje gebruikten. De fraude met toegangskaartjes blijkt echter al 4 jaar te gebeuren. Niet alleen het Egyptisch Museum, maar ook de Citadel van Cairo en de Horustempel van Edfoe zijn 'slachtoffer'. In totaal zou voor 600.000 Euro aan valse kaartjes verkocht zijn. Opmerkelijk is dat de kaartjes te koop waren in de bulkverkoop van de SCA zelf!

Voor de liefhebbers is hier een leuk filmpje te zien bij Egyptoloog Bob Brier thuis. Brier blijkt een fervent verzamelaar van alles met een faraonisch thema; kunst, maar ook kitsch zijn bij hem welkom. Een aardige blik in het huishouden van een van 's werelds bekendste Egyptologen.

 

Laatst aangepast op donderdag, 31 maart 2011 21:05