Zoeken

Willekeurige foto

Egypt Ring

Deze website maakt deel uit van Egypt Ring.
This website is part of Egypt Ring.
Egypt Ring
 
 
Egyptologisch Nieuws eind december 2009 / januari 2010 PDF Afdrukken E-mailadres
woensdag, 20 januari 2010 01:00

Noord Egypte

Met heel veel bombarie is 17 december jl. te Alexandrië een aanzienlijk deel van een kleine pyloon uit de Middellandse Zee gevist. Ze waren er allemaal: cultuurminister Farouk Hosni, leden van het Griekse consulaat, zo'n 300 journalisten en fotografen en natuurlijk Zahi Hawass. Het 9 ton wegende, 2,2 meter hoge granieten blok werd al in 1998 gevonden door een Grieks team onder leiding van dr. Harry Tzalas. De pyloon stond ooit voor een Isis-tempel binnen het paleisterrein van Cleopatra VII, nu zo'n 8 meter onder water. Sinds 2002 worden er geen stenen voorwerpen meer uit de Middellandse Zee gehaald, omdat ze eenmaal op het droge erg kwetsbaar worden. Maar dr. Tzalas wist Hawass ervan te overtuigen dit pyloontje toch uit het water te halen, om straks een prominente plek in het onderwatermuseum van Alexandrië te krijgen. Voordat het blok uit het water getakeld kon worden, is het eerst provisorisch schoongemaakt en 3 dagen lang over de zeebodem gesleept om het dicht genoeg bij de kust te krijgen. Na het optakelen is het onmiddellijk in een grote watertank ondergedompeld, waarin het 6 maanden zal blijven om het aanwezige zout op te lossen. Gedurende die tijd is het pyloontje te Kom el-Dikka te bewonderen. In mei 2010 wil de SCA een 7 meter lange, 15 ton zware dorpel (van dezelfde pyloon?) uit het water halen.

In Alexandrië zijn de resten van een tempel gewijd aan de godin Bastet gevonden. De tempel komt uit de tijd van koningin Berenike, de vrouw van Ptolemaeus III en ligt in de buurt van de wijk Kom el-Dikka, op het terrein van de Alexandria Security Forces. Het opgravingsteam staat onder leiding van dr. Mohamed Abdel Maqsoud. De tot dusver ontdekte resten meten 60 m bij 15 m, maar de tempel loopt door onder de Ismail Fahmystraat. In de tempel  trof men, verspreid over drie locaties, meer dan 600 beelden aan, waaronder uiteraard van de godin Bastet in haar katgedaante. Andere beeldjes zijn van ongeïdentificeerde vrouwen en kinderen. Daarnaast vond het opgravingsteam aardewerken potten en aardewerken, bronzen en faience beelden van verschillende andere goden, waaronder Harpocrates en Ptah. Het voetstuk van een granieten beeld van een hoge beambte aan het hof van Ptolemaeus IV behoorde ook  tot de vondsten. Behalve de tempel zijn ook een Romeins waterreservoir, een stel 14 m diepe waterputten en de resten van een Romeins badhuis gevonden.
Het is voor het eerst dat een tempel voor Bastet uit de Ptolemaeëntijd werd gevonden.

Een Italiaans onderzoeksteam van de universiteit van Siena en Turijn is in samenwerking met de Britse Universiteit van Oxford bezig om 70 archeologische sites in de delta te onderzoeken in de hoop de oude gouwhoofdstad Metelis te vinden. Het onderzoek begon al in 2008 en duurt voort tot in 2011. Tot dusver heeft men al 58 sites onderzocht. Professor Qenawi Mohamad, hoofd van het team, denkt inmiddels dat de stad oorspronkelijk in Kom Wasset lag (van de 6e eeuw v.Chr. tot de 1e eeuw n.Chr.), maar daarna is verplaatst naar het 1 km verderop gelegen Kom al-Ahmar (van de 3e tot de 8e eeuw n.Chr.).

Een team van Brigham Young University (Utah, VS) onder leiding van professor Wilfred Griggs gaat in 2010 Snefroe's vierde piramide te Seila (in de Fajoem) onderzoeken. Deze relatief onbekende piramide was ooit zo'n 30 meter hoog en 43 meter breed, maar wat er van over is ligt nu begraven onder meters zand. Het team heeft de afgelopen jaren al meer onderzoek verricht naar Snefroe's piramiden, maar zoekt nu een verband tussen de vier piramiden. Volgens professor Kerry Muhlestein, die de taak van prof. Griggs overneemt na diens pensionering, is er opzettelijk voor gekozen om vier piramiden te bouwen en werken ze in verband met elkaar. Meer wilde de professor er nog niet over kwijt, behalve dat de resultaten van dit onderzoek Egyptologen zou moeten dwingen hun visie over het doel van de piramiden te herzien. We wachten het met spanning af!

Waar de bouwers van de piramiden van Gizeh uit de vierde dynastie begraven lagen, is al een jaar of 20 bekend, maar recent zijn er weer een stel 'nieuwe' graven ontdekt.
Het opgravingsteam wordt geleid door Adel Okasha. Het belangrijkste graf is dat van ene Idoe. Het heeft een rechthoekige vorm en de koepelvormige bovenbouw is opgetrokken uit tichelsteen, bedekt met wit pleister. Het graf heeft verschillende grafschachten waarvan de wanden bedekt zijn met kalksteen. Rondom liggen graven die alleen bestaan uit schachten, waarin kisten met skeletten en aardewerken potten zijn gevonden. Ten zuiden van Idoe's graf is nog een graf van vergelijkbare afmeting en indeling gevonden. Meer is helaas tot op heden nog niet bekend.
Inmiddels zullen (hopelijk) nog maar weinig mensen nog geloven dat de Egyptische koningen slaven gebruikten om de piramiden te bouwen. De vondst van de arbeidersstad en bijhorende necropool maken maar al te goed duidelijk dat deze ca. 10.000 lieden absoluut geen slaaf waren. Het was een zwaar bestaan en veel skeletten vertonen sporen van zware slijtage, maar men kreeg iedere dag vlees of vis te eten en kreeg goed te drinken. Aan een aantal skeletten is duidelijk te zien dat men de beste medische zorg van die tijd genoot, inclusief schedeloperaties. Daarnaast mocht men eigen, uitgebreide graven bouwen in de schaduw van de piramide; een hele eer in die tijd en normaliter alleen weggelegd voor de elite.

Een Egyptisch team onder leiding van Abdul Hakim Carrara heeft in de Ras el-Gisr (of el-Mudir) regio van Saqqara een tweetal graven uit de 26e dynastie gevonden. Op zich is dit niet bijzonder, maar volgens Hawass is één van deze graven het tot dusver grootste graf uit die tijd in Saqqara. Ondanks dat de graven al in de oudheid tot in de Romeinse tijd geplunderd zijn, vond men toch nog het nodige aan vaatwerk, vogelmummies, mummiekisten en verscheidene menselijke overblijfselen. Beide graven zijn in de rotswand uitgehakt, hoewel het grote graf ook nog uit twee grote tichelstenen ruimtes bestond. Het grootste graf bestaat uit een hal met verscheidene zijkamers, gangen en schachten. Eén van de gangen leidt naar een tweede hal en in een noordelijke gang bevindt zich een zeven meter diepe schacht, waarvan het doel nog onbekend is. In het tweede graf trof het team een verzegelde ruimte aan met vaatwerk en mummiekisten, hoewel sommige berichten dit tegenspreken. In geen van beide graven zijn namen of titels aangetroffen, maar volgens één bericht in uitgerekend de Nederlandse pers is er wel een reliëffragment gevonden met een tekst uit de tijd van koning Djoser. Al met al is de berichtgeving over deze vondst summier en verwarrend, wat vaak het geval is. Mocht er meer duidelijkheid over komen, dan laat ik u dit uiteraard weten.

De SCA is voornemens het Middenrijks graf van Sa-Iset in Dasjoer te onderzoeken. Dit graf is na ontdekking in 1894-1895 door Jacques de Morgan in vergetelheid geraakt, maar door inspanningen van een opgravingsteam nu hervonden De Morgan vond er destijds enkele hoge kwaliteit stèles, maar heeft nooit grondig onderzoek gedaan, noch is hij er in geslaagd de sarcofaag te openen. Dit laatste hoopt het team van de SCA in januari 2010 voor elkaar te krijgen. Het belooft een uiterst moeilijke operatie te worden, daar er maar zeer weinig bewegingsruimte in de grafkamer is. Om het deksel van de sarcofaag te verwijderen, is Reis Talal aangetrokken, die eerder aan vergelijkbare projecten in Aboesir en Bahariya heeft gewerkt. Talal heeft een plan bedacht, waarvan de uitvoering naar verwachting 5 dagen zal duren. Wie weet wat men in deze intacte sarcofaag aan zal treffen?

Westelijke woestijn

Een team van Iraanse archeologen is plannen aan het opstellen om in Egypte de vermeende vondst van het leger van Cambyses II te onderzoeken. Over deze 'vondst' door de Italiaanse, sensatiezoekende broers Castiglioni heeft u enkele maanden geleden al kunnen lezen in deze rubriek, maar volgens het Iraanse persbericht heeft de SCA bij navraag door het Iraanse team "impliciet bevestigd" dat het leger inderdaad teruggevonden is. Het team is samengesteld door het Iran's Cultural Heritage, Tourism and Handicrafts Organisation (ICHTO) en staat onder leiding van Hamid Baqaei.

Zuid Egypte

In maart gaat een nieuw deelproject van start waarin een sfinxenlaan in Luxor onder handen wordt genomen. Onduidelijk welke sfinxenlaan precies bedoeld wordt, omdat er aan de sfinxenlaan tussen Luxor tempel en Karnak tempel al enkele jaren gewerkt wordt. In elk geval zal niemand minder dan president Moebarak het project inaugureren. Tevens zal de stad (als eerste in Egypte) voorzien worden van bewakingscamera's en wordt er een plan uitgewerkt om het energieverbruik in de stad meer duurzaam te maken. Gedacht wordt aan het gebruik van aardgas en zonne-energie.

Illegale handel en reclamatie antiquiteiten

Het heeft volop in de media gestaan: Frankrijk heeft de 5 muurfragmenten uit het graf van Tetiky overhandigd aan Egypte (zie een eerdere editie van Egyptologisch Nieuws). De fragmenten waren in bezit van het Louvre toen bleek dat ze in de jaren 1980 uit het graf gestolen waren. Toen Egypte na maandenlang getouwtrek dreigde alle banden met het museum te verbreken, kwam Frankrijk snel over de brug. Met veel plichtsvertoon overhandigde de Franse president Sarkozy één van de fragmenten aan de Egyptische president Moebarak. Met deze ceremonie zijn de twee landen weer dikke vriendjes, hoewel Hawass uiteraard nog steeds aast op het Dendera-plafond in het Louvre.

Behalve het Dendera-plafond, de buste van Nefertiti in Berlijn en natuurlijk de Steen van Rosetta in het British Museum, staat nu ook het beeld van Hemioenoe in het Duitse Pelizaeus Museum op het verlanglijstje van Zahi Hawass. Het lijkt uiterst onwaarschijnlijk dat al deze voorwerpen terugkeren naar Egypte, maar het Pelizaeus Museum is onlangs wel met Hawass overeen gekomen dat het beeld van Hemioenoe voor de opening van het Grand Egyptian Museum bij Gizeh in 2012(?) zal worden uitgeleend. In ruil hiervoor zal het Duitse museum andere stukken in bruikleen krijgen.

In september/oktober berichtte ik u over de diefstal van negen Egyptische museumstukken uit het museum van Long Island University door de museumdirecteur Barry Stern. Inmiddels heeft hij schuld bekend, maar zegt tot zijn daad te zijn gekomen omdat hij slecht behandeld zou zijn geweest door Long Island University. Het zou gaan om antisemitische uitlatingen waartegen de Universiteit geen actie ondernam.

De ontwikkelingen rond het gevecht om de buste van Nefertiti in Berlijn zijn in een stroomversnelling geraakt en de stemming is verkilt nadat de Duitse afgevaardigde dr. Friederike Seyfried halverwege december naar Egypte is afgereisd met bewijsmateriaal dat de legitimiteit van Nefertiti's aanwezigheid in Berlijn moet aantonen. Hawass interpreteerde de stukken echter compleet anders en ziet ze juist als extra bewijs dat de buste illegaal het land verlaten heeft. Tot zover niets nieuws dus. Wel nieuw is dat de eerdere officieuze opmerkingen dat er geen sprake van zou zijn dat de buste terug gegeven wordt aan Egypte nu officieel zijn en dat ook een tijdelijke uitleen aan Egypte nu officieel nicht im frage ist. De buste zou te kwetsbaar zijn om over zo'n grote afstand te vervoeren. Naar verluidt wil Dietrich Wildung proberen een oplossing voor het dispuut te vinden, maar dat lijkt een onmogelijke taak. Dit alles speelde in december, maar sindsdien is er vrijwel niets meer vernomen over deze kwestie, behalve dat Egypte intern in beraad is gegaan over verder te nemen stappen

Hawass' eerdere aankondiging van een conferentie over gestolen antiquiteiten naar aanleiding van de Nefertiti-kwestie stelde dat deze in maart zou plaatsvinden. Begin januari stelde Hawass dit bij naar april. Het voornaamste onderwerp zou oorspronkelijk zijn het terugvorderen van voorwerpen die door vroege reizigers en tijdens koloniaal bewind zijn meegenomen uit landen zoals Egypte, Syrië, Irak en China. In het laatste persbericht van Hawass wordt dit onderwerp echter naar de kantlijn verschoven en is nu het voornaamste onderwerp het terugvorderen van voorwerpen die na de UNESCO overeenkomst van de jaren 1980 het moederland op illegale wijze verlaten hebben. Volgens Hawass is het doel "het opstellen van een lijst van voorwerpen in buitenlandse musea die de landen in de conferentie graag terug willen hebben". Landen die op de conferentie vertegenwoordigt zijn, zijn ondermeer Egypte, Jordanië, Syrië, Libanon, Jemen, Irak, China, India, Sri Lanka, Afghanistan, Cambodja, Nepal, Pakistan, Thailand, Korea, Griekenland, Cyprus, Italië, Rusland, Spanje, Turkije, Bolivia, Chili, Colombia, Cuba, Ecuador, Guatemala, Honduras, Mexico en Peru.

Spijt heeft de Britse kunstenaar Andy Holden gedreven een stukje van de piramide van Cheops terug te plaatsen. Toen hij 12 jaar was, nam zijn vader hem mee op een zakenreis naar Egypte. Tijdens een bezoek aan het Gizeh-plateau brak hij een stukje van de piramide van Cheops af en nam het mee naar huis. Toen zijn ouders er thuis achter kwamen werden ze furieus. Sindsdien zegt Holden achtervolgt te worden door spijt over zijn daad. Daarom besloot Holden in 2008 om naar Egypte te reizen. Daar beklom(?) hij de piramide en plaatste het stukje terug op de plek waar hij het destijds afgebroken had, terwijl hij zijn actie liet filmen door een passerende toerist. Bij thuiskomst besloot hij een gigantische replica van het stukje te breien, op basis van vooraf gemaakte foto's en diagrammen. Het heeft hem uiteindelijk meer dan een jaar gekost om het 'kunstwerk' te breien, maar nu is het dan eindelijk te zien in het Tate Britain in Londen. Holden ziet het vele werk als boetedoening voor zijn diefstal. Dat hij aan de expositie van zijn 'kunstwerk' een aardig zakcentje over zal houden, zullen hem dan maar vergeven.

Museumnieuws

In het Cairo Museum kunnen sinds kort ook blinde en slechtziende mensen genieten van de antiquiteiten. Er zijn speciale rondleidingen ingesteld voor deze doelgroep, onder begeleiding van gidsen met dezelfde handicap. Deelnemers hebben uitzonderlijke toestemming om de voorwerpen aan te raken, wat helaas ook heel erg veel mensen zonder toestemming doen. Voor kinderen met een visuele handicap worden speciale lessen georganiseerd. Deze initiatieven komen uit de koker van museumdirecteur dr. Wafaa el-Seddiq, die op het idee gebracht werd toen ze tijdens haar studie in Duitsland merkte hoezeer musea daar hun best doen deze vaak vergeten doelgroep te bedienen.

Enige tijd geleden kon u op deze plaats al lezen dat de eerste bouwfase van het Grand Egyptian Museum (GEM) is voltooid. In fase twee is tot dusver al een conservatielaboratorium gebouwd. Volgens Hawass in een recent persbericht is dit het grootste conservatielab in een museum in de wereld en wordt het al volop gebruikt. Het lab ligt tien meter onder de grond voor een betere klimaatcontrole en beveiliging. Binnenkort start men met het verhuizen van antiquiteiten uit het Cairo Museum naar het nieuwe lab, zodat deze straks klaar zijn om in het nieuwe museum een plaatsje te krijgen. Hawass noemde tevens een nieuwe openingsindicatie van 2013.
In Gizeh zijn de nieuwe kantoren bijna klaar. Zodra de toeristenpolitie, SCA en andere instanties zijn verhuisd, zullen de oude kantoren op het plateau worden afgebroken. Het nieuwe bezoekerscentrum van Gizeh zal voor de piramide van Menkaoera gebouwd worden. Hawass eindigt zijn bericht met het nieuws dat hij ook al een team heeft samengesteld dat de directe omgeving van de Sfinx onder handen zal nemen.

Ander nieuws

Egyptologen weten al lang dat de oogschmink van de oude Egyptenaren niet (enkel) voor de sier diende, maar ook beschermde tegen infecties en de felle zon. In een recente wetenschappelijke analyse is onderzocht hoe dit precies werkte. De groene en zwarte oogmake-up bestond uit een speciale mix van lood en loodzouten, wat soms maanden kostte om te bereiden, zegt Philippe Walter, medewerker van het National Centre for Scientific Research en het Louvre Museum. Walter is de hoofdauteur van het wetenschappelijke artikel over dit onderzoek in het vakblad 'Analytical Chemistry' van de American Chemical Society. Het team van Walter ontdekte dat loodionen bij een lage concentratie de huidcellen stimuleren om tot 240% meer stikstofmonoxide te produceren. Deze stof stimuleert op zijn beurt witte bloedcellen en de doorstroming van bloed. "De ogen van de Egyptenaren met de zwarte make-up ('kohl'), waren in staat om onmiddellijk en zeer efficiënt een plotselinge aanval van bacteriële besmetting af te weren door hun eigen immuunsysteem te stimuleren," zo stelt het verslag. Het team onderzocht 52 monsters uit make-upvaasjes in de collectie van het Louvre. Restanten van kohl bleken stoffen te bevatten die niet in de natuur voorkomen: laurioniet (Pb(OH)Cl) en fosgeniet (Pb2Cl2CO2). Deze moeten dus door de Egyptenaren gemaakt zijn. De geneeskrachtige werking van loodzouten lijkt tegenstrijdig met de alom bekende giftigheid van lood, maar omdat het hier om extreem kleine hoeveelheden gaat, reageert het lood anders. Het is onzeker wat het effect van langdurig gebruik op de lange termijn is.

Een bibliothecaresse uit Worchester (VS) zegt bewijzen te hebben gevonden dat men in de VS ooit gebruik maakte van Egyptische mummiewindselen om papier te maken. Al lang doet dit verhaal de ronde, maar hard bewijs hiervoor ontbrak tot op heden. S.J. Wolfe, tot tien jaar geleden werkzaam voor de American Antiquarian Society, is sindsdien iedere dag bezig met het traceren van Egyptische mummies in de VS. Ze heeft er zelfs recentelijk een boek over gepubliceerd: Mummies in Nineteenth Century America.
Voor zover bekend werd de eerste mummie in de VS geïmporteerd door Ward Nicholas Boylston in 1818. Van deze mummie zijn tegenwoordig alleen nog de schedel en een been over, opgeborgen in het Warren Anatomical Museum in Boston.
Toen Wolfe met haar project begon, werd haar door experts verteld dat ze zo'n 350 mummies zou vinden. Inmiddels staat de teller echter op 560 en belanden er nog regelmatig aanwijzingen op haar bureau. Over de papierfabricage van Egyptische mummiewindselen bestaan vele krantenartikels uit die tijd, maar concrete bewijzen waren nog niet gevonden. Tot Wolfe bij toeval stuitte op een grote aankondigingsposter voor het 200e jubileum van Norwich (Connecticut) in 1859. Deze was gedrukt door de papierfabrikant Chelsea Manufacturing Co. Onderaan de poster staat te lezen: "Het materiaal waarvan dit is gemaakt is uit Egypte gehaald. Het is uit de oude Egyptische tomben gehaald, waar het gebruikt was voor het balsemen van mummies. Een deel van het fabricageproces is te zien tijdens de processie."

Soedan

Het volgende is eigenlijk oud nieuws, maar pas recentelijk openbaar gemaakt en dus nu pas (uitgebreid) in het nieuws. In Dangeil, diep in Soedan, zijn in 2008 enkele grote, granieten beelden van Napataanse koningen gevonden, waaronder Taharqa, die ook over Egypte heerste tijdens de 25ste dynastie. De opgravingen van het Berber-Abidya Archeological Project werden geleid door dr. Julie Anderson van het British Museum en dr. Salah Eldin Mohamed Ahmed. Dangeil ligt bij de vijfde cataract in de Nijl, ongeveer 350 km ten noordoosten van de hoofdstad Khartoum. Anderson vertelde in een interview met Heritage Key dat er nog nooit een faraobeeld zo ver zuidelijk is gevonden. Het was al eerder bekend dat hier een nederzetting uit de tijd van Taharqa was, maar hier was nog nauwelijks opgegraven. De meeste vondsten die eerder in het gebied zijn gedaan, stammen uit het rijk van Meroë (ca. 3e eeuw v.Chr. - 3e eeuw n.Chr.).
Het beeld van Taharqa was oorspronkelijk ca. 2,6 m hoog, maar mist nu zijn hoofd en benen. Deze beschadigingen zijn vermoedelijk opzettelijk aangebracht, lang na Taharqa's tijd. De torso weegt ruim een ton en is dus met de grootst mogelijke moeite door 18 man uit de grond getild. Dr. Anderson denkt dat de beelden mogelijk deel uit maakten van een tempel gewijd aan Amon. Op de rugpilaar van het beeld staan Taharqa's naam en titels genoemd. De naam van de stad of tempel waarin het beeld stond werd daarin waarschijnlijk ook genoemd, maar is helaas verloren gegaan.
Behalve het beeld van Taharqa zijn ook gevonden: de kroon van een beeld van een ongeïdentificeerde koning, het granieten hoofd en de onderbenen en voeten van een beeld van Aspelta en de granieten torso van Senkamanisken. Opvallend is dat Senkamanisken op zijn beeld koning van Opper - en Neder Egypte genoemd wordt, terwijl hij dit niet geweest is. Anderson is er van overtuigd dat toekomstige opgravingen nieuwe beelden aan het licht zullen brengen, hoewel het seizoen van 2009 niets van die aard opgeleverd heeft. Het team gaat in oktober van dit jaar weer aan de slag. Het volledige artikel over de vondst is te vinden in het blad van de Sudan Archaeological Research Society, 'Sudan & Nubia'.

Laatst aangepast op zaterdag, 27 februari 2010 13:28